Raw-editors voor je foto's Round-up

Wat zijn de alternatieven voor Lightroom?

We fotograferen meer dan ooit tevoren, niet alleen met 'traditionele' camera's, maar vooral met smartphones en sinds enkele jaren ook met drones. Die laatste twee hebben natuurlijk een veel kleinere lens en sensor, maar als je in 'raw' fotografeert, valt er toch nog behoorlijk wat uit te halen.

 

De meeste producten ondersteunen dit. Dat betekent wel dat je je foto's moet bewerken met gespecialiseerde apps of softwarepakketten.

Na het toevoegen van een filter en wat handmatige aanpassingen ziet de foto er een stuk beter uit.
De linkerkant van het beeld toont het origineel, rechts de bewerkte versie.

Onder (amateur)fotografen is Lightroom al jaren erg populair voor dit doel. Dit workflowpakket leidt je door het proces van het importeren van je foto's en video's, het bewerken ervan en vervolgens het weer exporteren van je selectie. Niet alleen is dat een logische werkwijze, de software is ook gebruiksvriendelijk. Je hoeft immers niet het menu in te klimmen voor specifieke bewerkingsopties, maar kunt simpelweg schuifregelaars bewegen, waarna je direct het resultaat ziet. Dat laatste kun je naar hartelust doen, want doordat de bewerkingen niet-destructief zijn, kun je altijd terug naar het origineel.

Het probleem van Lightroom, Classic CC of CC, is dat dit tegenwoordig werkt op basis van een jaarlijks abonnement, voor 145 euro per jaar, in plaats van met een eenmalige aanschaf. Niet toevallig zijn er sinds vorig jaar dan ook heel wat nieuwe concurrenten bijgekomen, naast al bestaande. Denk bijvoorbeeld aan Capture One Pro 11, Corel AfterShot 3, DxO PhotoLab, ON1 Photo RAW en Skylum Luminar 2018. Daarnaast zijn er de nodige gratis opensourcealternatieven, zoals Darktable.

Daarom wilden we eens kijken hoe Lightroom en deze alternatieven zich tot elkaar verhouden. Niet alleen voor serieuze fotografen, maar ook voor het bewerken van smartphone- en dronefoto's.

Smartphones, drones en camera's

Beeldbewerkingssoftware is niet alleen interessant voor wie fotografeert met een 'echte' camera, zoals een spiegelreflex of systeemcamera met verwisselbare lenzen. Ook voor het bewerken van beelden uit smartphones en drones heeft het zin, zeker als die in het rawformaat zijn gemaakt. In dat formaat is geen schadelijke compressie gebruikt, is het dynamisch bereik maximaal en kun je nog alle kanten op met de witbalans. Dat heeft als voordeel dat je correcties kunt uitvoeren zonder dat dit ten koste gaat van de beeldkwaliteit. Bij jpeg-foto's is dat wel het geval, want die bevatten 8bit-kleurinformatie en gebruiken 'schadelijke' lossy compressie.

DJI Mavic Air

Foto's gemaakt met een drone zien er soms wat flets uit. Wat nabewerking kan dan wonderen doen, zeker als de foto in het rawformaat is gemaakt.

Als je in het rawformaat schiet, kun je zelfs uit een kleine smartphonesensor nog heel wat extra details halen. Denk bijvoorbeeld aan het verminderen van felle lichten of het oplichten van donkere schaduwen. Ook kun je de hele belichting iets naar beneden of boven bijstellen. Bij een jpeg-foto zijn overbelichte delen echt honderd procent wit en onderbelichte delen honderd procent zwart, waardoor ze niet meer op te trekken zijn. Een rawfoto bevat meer kleurgradaties, waardoor over- en onderbelichte delen vaak nog te corrigeren zijn. Dat hangt natuurlijk wel af van het dynamisch bereik en de grootte van de sensor: hoe groter, hoe beter. Bij een 1"-, aps-c- of fullframesensor kun je met beeldbewerking dus nóg meer uit je foto's halen, maar dat betekent niet dat het met 1/2,3"-sensoren geen zin heeft. Zie de voorbeeldfoto's, ook in dit artikel.

De vraag is natuurlijk waarmee je je foto's dan bewerkt. Als ze met een smartphone gemaakt zijn, ligt bewerking via een app misschien het meest voor de hand. Dat scheelt immers het heen en weer sturen van bestanden. En je hebt best goede apps, betaald en gratis, die bovendien vaak met rawbestanden overweg kunnen. Voor serieuzere en vaak ook effectievere bewerking is beeldbewerkingssoftware voor Windows, Mac en Linux handiger. Vooral als je verschillende foto's achter elkaar bewerkt en de bewerkingen eventueel wilt synchroniseren.

Voor het snel bewerken van rawbestanden is een scala aan software voorhanden, gratis en betaald. In deze vergelijking richten we ons op computersoftware en niet op apps. Ook kijken we specifiek naar software die gespecialiseerd is in het openen en eenvoudig bewerken van rawbestanden, ongeacht of die gemaakt zijn met een smartphone, met een drone of met een camera met verwisselbare lenzen.

Workflow

Onze aandacht ging voor dit artikel uit naar software met een Lightroom-achtige opzet, waarmee je in één overzicht door je foto's kunt bladeren, en deze individueel en als groep via sliders kunt bewerken. Dat laatste wordt ook batchbewerking genoemd en is handig voor fotoreeksen die min of meer op hetzelfde moment, en dus onder dezelfde omstandigheden, zijn gemaakt. Denk aan een middagje vliegen met een drone, een uitstapje naar een natuurpark of een concert. Foto's met vergelijkbare lichtsituaties kun je dan heel snel bewerken; je begint simpelweg met één foto en synchroniseert dan deze aanpassingen, zoals belichting, kleurbalans en ruisreductie, simpelweg met alle andere, vergelijkbare foto's.

Dat werkt veel sneller dan de klassieke 'Photoshop'-bewerking, waarbij de nadruk vooral ligt op de bewerking van individuele foto's. Software als Photoshop biedt natuurlijk meer specifieke bewerkingsopties, zoals uitgebreid retoucheren en klonen, en het gebruik van verschillende gestapelde lagen, al dan niet met transparante objecten. Dergelijke software laten we voor dit artikel buiten beschouwing.

Afvallers

Om dit artikel en de bijbehorende vergelijking enigszins behapbaar te houden, moesten we een strenge selectie van applicaties maken. Van de ruim twintig verschillende beeldbewerkingspakketten die momenteel in omloop zijn, hebben we allereerst dus de Photoshop-achtige varianten laten vallen. Dat reduceerde de twintig beeldbewerkingspakketten waarmee ons vooronderzoek begon, tot een stuk of tien, die wat workflowinterface betreft min of meer vergelijkbaar zijn met Adobe Lightroom. We keken ook naar de beschikbaarheid van lensprofielen voor automatische correcties, de mogelijkheid om virtuele kopieën te maken, lokale bewerkingen en graduele filters.

Omdat we de selectie verder moesten verkleinen, hebben we enkele relatief kleine spelers weggelaten, zoals ACDSee Photo Studio Professional 2018, Photo Ninja en SilkyPix Developer Studio. Apple Foto's werd ook geschrapt, omdat dit pakket alleen voor Macs geschikt is, en Corel AfterShot Pro 3 hebben we laten vallen omdat de trialversie van de software ernstige beperkingen had en bijvoorbeeld niet goed met onze dng-bestanden overweg kon. Corel reageerde te laat op ons verzoek om een volledige versie.

Van de drie opensourcepakketten, LightZone, RawTherapee en Darktable, moesten we er twee laten vallen en kozen we voor Darktable. De interface en mogelijkheden daarvan vonden we wat beter, hoewel die zeker niet perfect is. LightZone ondersteunde niet al onze dng-bestanden. Andere afvallers om de eerdergenoemde redenen zijn Affinity Photo, Photoshop Elements, The Gimp, ACDSee Photo Studio Professional 2018, Photo Ninja, Nikon Capture NX 2 en SilkyPix Developer Studio.

Uiteindelijk bleven er zes pakketten over. Eigenlijk zeven, want we nemen zowel Lightroom CC als CC Classic mee, maar ondanks de afwijkende interface en enkele ontbrekende onderdelen bij de niet-Classic zijn beide pakketten grotendeels vergelijkbaar. Verder hebben we gekeken naar Capture One Pro 11, DxO PhotoLab, ON1 Photo RAW, Skylum Luminar 2018 en Darktable.

Abonnementen, gratis en betaalde software

We zien steeds meer diensten en software in de vorm van een abonnement. Denk aan tv-series van bijvoorbeeld Netflix of Videoland, muziek via Spotify en cloudopslag. Toch is niet iedereen gecharmeerd van deze trend en dan vooral het feit dat je als consument niet altijd de keus hebt. Wat beeldbewerkingssoftware betreft is die keus er nog wel, maar marktleider Adobe is sinds vorig jaar helemaal overgestapt op abonnementen in plaats van eenmalige licentiekosten.

Voor het abonnementsmodel van Adobe valt iets te zeggen. De prijs is op jaarbasis vergelijkbaar als de kosten voor een losse licentie, je blijft voorzien van de laatste updates en je krijgt er cloudopslag bij. Maar de meeste mensen kopen niet ieder jaar nieuwe software, waar een abonnement in feite wel op neerkomt. Het is ook duurder dan upgrades van een oude naar een nieuwe standalone versie - dat kostte € 75.

De drie opties voor Adobe Lightroom

Een licentie kopen voor Adobe Lightroom kan niet meer. Lightroom is er alleen nog in de vorm van een abonnement.

Hoewel Adobe al sinds 2013 Creative Cloud-abonnementen aanbiedt, is het voor het eerst dat je voor software als Lightroom geen keus meer hebt. Zo lang je geen nieuwe camera koopt, kun je de oude Lightroom-software gewoon blijven gebruiken, maar als je compatibiliteit met recente smartphones, drones en camera's wilt, of nieuwe functionaliteit, dan ontkom je vroeg of laat niet aan een update. Sinds 2017 is Adobe voor Lightroom volledig overgestapt op een abonnementensysteem. Voor 145,08 euro per jaar, of 12,09 euro per maand inclusief btw, kun je kiezen uit twee verschillende opties: het nieuwe Lightroom CC inclusief 1TB cloudopslag of een combinatie van Lightroom CC en Lightroom CC Classic plus Photoshop, maar dan met slechts 20GB cloudopslag. Zie ook de pagina over Lightroom verderop in deze round-up.

Zo lang je maandelijks betaalt, heb je de beschikking over de software en je catalogus, en ontvang je regelmatig nieuwe updates. Die updates bevatten nieuwe functionaliteit, maar bieden ook compatibiliteit met nieuwe camera's en lenzen. Maar wat gebeurt er als je stopt met het abonnement? In principe kun je Lightroom dan niet meer gebruiken. Hooguit kun je je bestaande foto's bekijken, maar geen nieuwe bewerkingen meer uitvoeren. Je zit dus min of meer in een lock-in. De enige optie die je dan hebt, is het importeren van de catalogus in andere software of het exporteren van je rawbestanden, bijvoorbeeld naar dng's. Een andere optie is om Lightroom 6 te kopen en daarmee verder te werken, uiteraard met verlies van functionaliteit.

Eenmalige licentie

In beeldbewerkingsland zijn abonnementen voorlopig nog een uitzondering. Hoewel het denkbaar is dat dit verandert, is de meeste software nog steeds gebaseerd op een eenmalige licentie. Dat betekent dat je eenmalig een bepaald bedrag betaalt en dan voor een onbeperkt aantal jaren met die software aan de slag kunt gaan. Hoeveel jaar dat exact is, ligt aan de verdere ontwikkeling van die software, maar ook aan je eigen situatie en wensen.

Een eenmalige licentie is meestal gebaseerd op een versienummer. Zo lang er geen opvolger in beeld is, wordt de software voorzien van updates. Deze kunnen nieuwe functionaliteit bevatten, maar ook compatibiliteit met nieuwe hardware, zoals camera's en lenzen. Dat laatste is niet onbelangrijk. Als je een nieuwe camera koopt en oudere software gebruikt, kan het zijn dat deze niet overweg kan met de foto's en video's. Foto's in jpeg-formaat kun je probleemloos bewerken, maar voor raw is specifieke ondersteuning nodig. Datzelfde geldt voor nieuwe lenzen. Vaak stoppen de gratis updates als er een nieuwe versie van de software is aangekondigd. Daarnaast kan het voorkomen dat de ondersteuning met nieuwe updates gebonden is aan een bepaalde tijd, zoals een jaar. Daarna moet je je licentie vernieuwen. Voor bestaande gebruikers gelden vaak upgradeprijzen die lager liggen.

Gratis

Zoals eerder benoemd is er ook veel gratis software beschikbaar, met min of meer vergelijkbare functionaliteit als Lightroom. Denk bijvoorbeeld aan LightZone, RawTherapee en Darktable. De featureset en mogelijkheden zijn meestal wat minder uitgebreid en voor beginners wat minder gebruiksvriendelijk, maar je zit dus niet vast aan licentiekosten of abonnementen.

Capture One Pro 11

PhaseOne, de maker van de software, maakt digitale middenformaatcamera's en weet dus uit eigen ervaring wat er komt kijken bij rawbewerking. Capture One, kortgezegd C1, bestaat al relatief lang en is daardoor een bewezen concurrent voor Lightroom. De software is relatief snel, ook met het browsen door je foto's. Wel is hij erg uitgebreid en niet altijd even intuïtief. Ook de prijs is pittig; vooral voor nieuwe gebruikers, al dan niet met Lightroom-ervaring, is dat een drempel.

Capture One (C1)

Interface 

De interface zelf is overzichtelijk. De te bewerken foto staat in het midden, de filmstrip met foto's waar je doorheen kunt scrollen staat rechts en de bewerkingsopties staan aan de linkerkant, terwijl rechts gebruikelijker is. Het voordeel van het tonen van de filmstrip aan de zijkant is dat de ruimte in de breedte beter wordt benut en er minder loze ruimte overblijft. Althans met foto's met een afmeting van 4:3 en iets mindere mate 3:2.

De bewerkingsopties met schuifregels zijn verdeeld onder verschillende tabs. Ze zijn uitgebreider te configureren dan in Lightroom, maar ze zijn niet onder elkaar te plaatsen. Het is dus een iets andere werkwijze dan bij de meeste concurrenten.

Functies

Wat featureset betreft lijkt Capture One Pro het compleetste alternatief voor Lightroom. Ook de snelheid valt in positieve zin op, zeker in vergelijking met andere Lightroom-concurrenten. Je kunt lokale bewerkingen, zoals graduele filters, toevoegen op basis van maskers en verschillende lagen en die onderdelen eventueel achteraf opnieuw aanpassen. Dat geeft ultieme controle en komt dicht in de buurt van de maskers van Photoshop.

Hooglichten zijn iets beter te corrigeren zonder zichtbare schade of neveneffecten. In vergelijking met Lightroom heb je ook minder kans op halo's. Het verwijderen van objecten vereist een extra laag en gaat iets lastiger dan bij Lightroom. Een unieke mogelijkheid is het vergelijken van vier beelden tegelijk, waarbij je ook kunt inzoomen. Bij Lightroom kan dat met maximaal twee beelden tegelijk. Het is ook fijn dat de sneltoetsen zelf te configureren zijn. Eveneens beter dan Lightroom is de ondersteuning voor tethering en de kleureneditor waarmee je bijvoorbeeld huidtinten kunt egaliseren.

Capture One heeft een ingebouwde lenzendatabase voor de meeste dslr- en systeemcameralenzen. Ondersteuning voor smartphones en drones lijkt echter te ontbreken, evenals voor contactloze lenzen van Samyang of lenzen via adapters. Handmatige correcties zijn wel mogelijk.

De prijs is met 279 euro pittig te noemen. Weliswaar is dat het prijsniveau waarmee ook Lightroom ooit begon, maar dankzij nieuwe concurrentie liggen de tarieven elders lager. Daar staat tegenover dat Capture One op langere termijn goedkoper in gebruik is dan Lightroom; als je er drie jaar mee doet scheelt het ruim 150 euro. Voor bezitters van Sony-camera's, waarmee de software wordt gebundeld, geldt trouwens een gereduceerd tarief van 79 euro, maar uiteraard is er dan alleen ondersteuning voor de camera's van Sony. Overigens is Phase One, net als Adobe, ook bezig met een abonnementensysteem voor Capture One Pro. Deze moet € 20 per maand kosten en dat is dus weer aanzienlijk duurder dan Adobe.

Wat we missen

Vooral voor professionele gebruikers zijn de mogelijkheden vergelijkbaar en op sommige vlakken beter dan die van Lightroom, maar voor beginnende en minder ervaren gebruikers kan de software wat intimiderend zijn. Ook vinden we de workflow minder prettig dan die van Lightroom. Veel gereedschappen zijn een beetje verborgen. Als je bijvoorbeeld een gradueel filter, gradient mask, wilt gebruiken, moet je de muis ingedrukt houden op de knop met het verfkwastje. Deze staat standaard op 'masker tekenen' en pas als je er een halve seconde op staat met de muis ingedrukt, verschijnen de overige functies, inclusief een optie om het masker wel of niet weer te geven.

Het is zeer te waarderen dat de software, naast Darktable en Lightroom, in het Nederlands is, maar het leidt soms wel tot wat abstracte woorden, zoals 'klaarheid'. Perfect is Capture One niet. Wat we missen is ondersteuning voor gps-import en integratie met Google Maps of andere kaarten. Ook is er geen ondersteuning voor het maken van panorama's en hdr's. Bij exports is het niet mogelijk om voor een maximaal aantal megapixels te kiezen.

Darktable 2.4

Darktable is een van de populairste opensource-rawbewerkers en bestaat al sinds 2009. De software is min of meer vergelijkbaar met opensourceconcurrenten als LightZone, digiKam en RawTherapee. Zoals eerder benoemd, viel onze keuze op Darktable omdat de workflow en mogelijkheden wat ons betreft het meest overeenkomen met die van Lightroom. Aanvankelijk begon Darktable op Linux en macOS, maar sinds eind vorig jaar is er nu ook een Windows-versie van de software beschikbaar.

Darktable

Interface

De interface doet in eerste instantie duidelijk denken aan Lightroom. Rechtsboven vind je de modules, onderverdeeld in Bibliotheek, Ontwikkelen en overige opties, bestaande uit Afdrukken, Kaart, Presentatie, en Tethering. In de ontwikkelmodule vind je links informatie, zoals de geschiedenis, in het midden de foto waar je aan werkt en onderaan de filmstrip. Aan de rechterkant staan alle bewerkingsopties met sliders, onderverdeeld in tabs. Er zijn vijf tabs, aangevuld met een tab voor je favoriete bewerkingsopties en een tab die alle actieve modules toont. Die laatste twee opties maken het bewerkingsproces wat prettiger en efficiënter.

Functies

De featureset van Darktable is vrij compleet en op sommige vlakken zelfs uitgebreider dan die van Lightroom. Zo zijn er veel meer finetuningsopties voor bijvoorbeeld schaduwen en hooglichten. Dat is fijn, maar het kan ook overweldigend zijn. Het kost wat tijd om erachter te komen wat bepaalde opties precies doen en hoe je daar het beste mee om kunt gaan. Vooral voor beginnende beeldbewerkers is dat een drempeltje, al zijn er op internet natuurlijk voldoende hulpmiddelen en instructievideo's te vinden die je verder helpen.

Er zijn opties voor maskers en graduele filters. We missen echter een effectief gummetje, oftewel spot removal. Dat is eigenlijk onmisbaar voor het wegwerken van storende elementen, bij zowel landschappen als portretten. Er is een optie om vlekken te verwijderen, maar die vinden we niet heel effectief. Je moet in cirkelvorm werken en er wordt vrij grof een stukje uit een ander deel van de foto gekloond.

Er zijn uitgebreide opties voor maskers in allerlei vormen, waarbij je zelfs criteria kunt gebruiken om zo een bepaald deel van de foto te selecteren. Lenscorrecties worden ook ondersteund, waarbij de software automatisch onze camera's en lenzen herkende. Met de dng-bestanden van onze smartphones had de software wel moeite. Hij weigerde dan simpelweg om deze te laden en toonde een pictogram in de vorm van een 'pixelig' doodshoofd. Met onze dronefoto's had hij dan weer geen problemen.

Vrij bijzonder is de ondersteuning voor geotagging. Dit zien we verder eigenlijk alleen bij Lightroom. Het is een handige methode om foto's terug te vinden op basis van locatie. Darktable toont ze op een kaart en is ook in staat om gpx-data, bijvoorbeeld van je smartphone of een gps-tracker, te importeren. De software kan ook hdr-foto's produceren op basis van meerdere opnamen.

Wat we missen

Wat we missen, is een mogelijkheid om foto's onderling te vergelijken. Ook voor-naknop ontbreekt, wat jammer is omdat je daarmee snel kunt controleren hoe de bewerking er ten opzichte van het origineel uitziet. Er is wel een manier om dit alsnog te doen. Je kunt een momentopname waarna een slider in beeld verschijnt die het verschil toont. Zo'n momentopname moet je in principe vooraf maken, maar het kan ook achteraf door via de geschiedenis naar een eerder punt te gaan, zoals het origineel.

Darktable ondersteunt lensprofielen en toont op basis van de exif welke camera en lens er gebruikt zijn, maar bij onze testbestanden op basis van verschillende smartphones, drones en camera's met verwisselbare lenzen gaf de software in de meeste gevallen aan dat het een 'onbekende camera/lens' betrof, zodat de correctief handmatig moesten worden uitgevoerd. In de open source-wereld zijn er wel oplossingen voor, zoals Exiv2 en Lensfun. Je kunt eventueel zelf bepaalde combinaties toevoegen.

Wat ook ontbreekt, is ondersteuning voor videobestanden, wat in deze tijd toch wel gebruikelijk is. Ook een panorama-functie is absent, evenals ondersteuning voor meer dan één monitor en het exporteren van bestanden in een bepaalde resolutie.

Tot slot vinden we Darktable aan de trage kant in vergelijking met de meeste andere software. Dat geldt voor het laden van een foto, maar ook voor het uitvoeren van bewerkingen.

DxO PhotoLab 1.1

DxO is vooral bekend van zijn benchmarks van camerasensoren en objectieven, onder de naam DxOMark, maar het maakt ook al vele jaren beeldbewerkingssoftware. Tot voor kort was deze bekend als Optics Pro, maar eind vorig jaar is de software hernoemd naar Photo Lab.

DxO Photo Lab

Interface

De interface van DxO PhotoLab lijkt op die van Lightroom. Er zijn twee modules, oftewel weergavemogelijkheden: Organize en Customize, overeenkomend met Bibliotheek en Ontwikkelen. In primaire bewerkingsweergave zie je in het midden de te bewerken foto, links basale informatie over die foto, onderaan de filmstrip en aan de rechterkant alle bewerkingsopties. Helemaal bovenaan staat een aantal veelgebruikte opties, zoals het vergelijken van foto's, een witbalanspipet, een rode-ogenfunctie, een digitale gum, de horizon rechtzetten en een croptool. Ook vind je hier een functie waarmee je lokale aanpassingen kunt doen, zoals graduele filters toevoegen.

Net als bij Lightroom kun je in één keer door alle bewerkingsopties scrollen en deze desgewenst in- en uitklappen. Het is handig dat je een bepaalde deelbewerking in en uit kunt schakelen, via een blauwgekleurd schuifje, zodat je snel het verschil kunt zien. Al met al is het aantal opties vrij uitgebreid, wat enigszins overweldigend kan zijn. Het ingeklapt laten van bepaalde menu's die je niet of niet veel gebruikt, helpt dan wel.

Functies

Photo Lab heeft, net als Optics Pro, zeer effectieve ruisreductie, maar deze is alleen aanwezig in de Elite-versie. Er is een uitgebreide lenzendatabase en de correcties daarvan worden automatisch op foto's toegepast. Dat geldt overigens ook voor kleine optimalisaties, zoals details in schaduwen en hooglichten. Er zijn redelijk wat presets, oftewel voorgeprogrammeerde filters. Handmatig lenscorrecties en perspectiefcorrectie toepassen is eveneens mogelijk. Er is een gum, oftewel reparatietool, waarmee je vrij eenvoudig vlekken of ongewenste objecten kunt verwijderen. Je kunt er echter maar weinig aan instellen en bijvoorbeeld niet zelf een brongebied selecteren. De resultaten wisselen daardoor nogal.

Wat we missen

Er is een mogelijkheid om een bewerkte foto te vergelijken met het origineel, zowel met een slider als met een enkele klik, maar het is nog niet mogelijk om twee of meer foto's te vergelijken, in tegenstelling tot bij de meeste concurrenten. Video wordt evenmin ondersteund. Ook een optie voor het maken van een panorama of hdr-beeld op basis van verscheidene foto's ontbreekt. De exportknop staat prominent in beeld, maar bevat geen opties om zelf de resolutie te kiezen.

De software had vreemd genoeg problemen met het openen van de dng-bestanden van een drone. Bestanden van de Mavic Pro lieten zich probleemloos openen, maar die van de nieuwere Mavic Air niet. We nemen aan dat dit met een toekomstige update opgelost zal zijn.

Lightroom CC en CC Classic

Voordat we de verschillen tussen Lightroom CC, CC Classic en de oude versies bespreken, moeten we kort terug naar het begin. De allereerste versie van Lightroom kwam in 2007 beschikbaar. Het was een softwarepakket met een totaal andere aanpak van fotobewerking dan bijvoorbeeld Photoshop. In plaats van in de individuele bewerking van foto's, voorzag Lightroom in de complete fotoworkflow. Van het importeren van nieuwe foto's tot het bewerken van zowel individuele foto's als reeksen tegelijk, en tot slot het beheer van de complete collectie. Dat was een radicaal andere werkwijze dan tot dan toe gebruikelijk was. Photoshop was voor een groot deel van de bewerking niet meer nodig, hoewel het voor retoucheerwerk en lagen van belang bleef. Lightroom leende zich ook uitstekend voor rawbestanden, omdat de bewerkingen niet-destructief waren; de bewerkingen werden in aparte bestanden opgeslagen en het originele bestand bleef behouden.

Lightroom CC en CC ClassicLightroom CC en CC Classic

 

Lightroom CC Classic (links) en CC

Lightroom CC en Classic CC

Eind 2017 zijn twee zaken veranderd. Ten eerste is Adobe nu volledig overgestapt op abonnementen; een aparte licentie, zoals die bij Lightroom 6 / CC nog mogelijk was, bestaat niet meer. Ten tweede is er een splitsing ontstaan. Er zijn nu twee verschillende Lightroom-pakketten. Lightroom Classic CC is gebaseerd op het oorspronkelijke softwarepakket en bevat alle onderdelen, plus nieuwe, die je van eerdere edities kent. Tegelijkertijd kwam Adobe met een nieuwe, versimpelde versie: Lightroom CC.

Verwarrend is dat de naam van het nieuwe pakket gelijk is aan de oorspronkelijke titel en dat het oude pakket een andere naam heeft gekregen. Hoewel Adobe heeft aangegeven CC Classic te blijven doorontwikkelen, lijkt het erop dat het nieuwe Lightroom CC meer in de schijnwerpers staat. Adobe classificeert de Classic-versie als geoptimaliseerd voor desktops en het nieuwe CC voor zowel desktops als mobiele apparaten. De nieuwe versie is ook als webinterface beschikbaar en slaat bestanden op in de cloud, maakt automatisch back-ups en biedt meer intelligente zoekfuncties. Het abonnement voor Lightroom CC met 1 TB cloudopslag is overigens zonder Photoshop, terwijl het abonnement met 20 GB cloudopslag met zowel Lightroom Classic CC als Photoshop wordt geleverd. Voor studenten en leraren biedt Adobe overigens korting op voor volledige Creative Cloud-suite.

Verschil in functionaliteit

Wat functionaliteit betreft is het nieuwe CC nog niet op het niveau van Classic CC, maar de belangrijkste bewerkingsopties zitten er wel in. Wat ontbreekt, is onder andere het gebruik van curven, split toning en panorama's. Functies die veel gevorderde fotografen gebruiken, zoals watermerken, ondersteuning voor tethered fotograferen, bewerkingshistorie en uitgebreide exportopties, ontbreken eveneens. Het tegelijkertijd bewerken van verscheidene foto's en het onderling synchroniseren van de bewerkingen is (nog) niet mogelijk, al kun je bewerkingen per foto kopiëren en plakken.

Hdr's of panorama's maken op basis van verschillende foto's wordt op dit moment nog niet ondersteund in het nieuwe CC, maar wel in Classic. Samen met Darktable en Capture One is de software Nederlandstalig, wat door sommige mensen gewaardeerd zal worden. De ingebouwde lensprofielen zijn zeer compleet en zelfs de meeste smartphones en drones worden automatisch herkend. Tot slot kan het programma overweg met video en zijn er veel plug-ins.

Interface

Beide versies gebruiken een vergelijkbare interface. De te bewerken foto staat centraal in het midden, de bewerkingsopties zijn rechts te vinden en onderin vind je de filmstrip met foto's. Lightroom Classic heeft links optioneel nog een extra balk met voorinstellingen, oftewel presets, en de historie van alle bewerkingen. Die informatie is echter te verbergen, net als overige delen in de hoeken. De interface van het nieuwe Lightroom CC is een stuk minimalistischer, met standaard alleen de essentieelste schuifregelaars en grote knoppen. Uiterst rechts staat een aantal gereedschappen, zoals uitsnijden, vlekken verwijderen, een penseel, en lineaire en graduele verloopfilters.

Wat we missen

Aangezien Lightroom al sinds 2007 meedraait, is de featureset, vooral die van Classic CC, zeer compleet. Het geldt daarom als de benchmark voor andere workflowsoftware. Dat wil echter niet zeggen dat er geen features ontbreken. Zo biedt verschillende software, waaronder Capture One en ON1 Photo Raw, de mogelijkheid om meer dan twee foto's te vergelijken, al dan niet op detailniveau, maar heeft Lightroom dat niet. Ook is de correctie van hooglichten bij sommige concurrenten iets beter, onder andere bij Capture One. Hoewel Lightroom voldoende mogelijkheden biedt voor lokale bewerking en retouchering, bieden veel andere softwaretitels, zoals Luminar en Capture One, meer uitgebreide opties voor maskers en gelaagde bewerkingen. Ook de snelheid van Lightroom is niet altijd optimaal, hoewel recente updates dat hebben verbeterd.

ON1 Photo RAW 2018.1

ON1 Photo RAW verscheen begin 2016 en wilde zich vooral onderscheiden met snelheid, vooral voor hogeresolutiefoto's. Het claimde dat de bestaande software was ontwikkeld in een tijd dat dergelijke foto's nog niet bestonden. Ook eenvoud in gebruik is een speerpunt. Onlangs heeft ON1 een nieuwe versie van Photo RAW aangekondigd, 2018.5, maar deze is pas in juni beschikbaar en kon dus nog niet worden meegenomen in deze vergelijking.

ON1 Photo Raw

Interface

De interface is vrij overzichtelijk. Uiterst rechts zijn vijf modules te zien waartussen je kunt wisselen: Browse, Develop, Effects, Layers en Resize. De eerste twee heb je bij Lightroom ook. De andere drie hadden we eigenlijk in de ontwikkelmodule verwacht. Afhankelijk van de module die je kiest, veranderen uiterst links de bewerkingsopties, zoals uitsnijden, retoucheren en de kloonstempel. In de Effecten-tab komen daar bijvoorbeeld nog verschillende hulpmiddelen voor maskers bij. In de ontwikkelmodule zie je standaard presets aan de linkerkant, met voorgeprogrammeerde effecten en previews, maar deze kun je verbergen, waardoor beduidend meer ruimte voor de foto ontstaat.

Functies

ON1 heeft ook een tabblad voor effecten die niet-destructief kunnen worden toegevoegd en dus ook weer kunnen worden verwijderd. Het is vrij eenvoudig om effecten en bewerkingen als een laag toe te voegen. Er is ruimte voor tientallen lagen, waarbij maskers te kopiëren zijn naar een nieuwe laag. Ook is het mogelijk om bewerkingen onderling te synchroniseren.

De software is in staat om foto's samen te voegen tot een panorama's of hdr, wat hem extra compleet maakt. Ook bijzonder is een content-aware-fill-achtig hulpmiddel, Perfect Eraser, om ongewenste delen uit een foto te halen, waarbij dit op slimme wijze weer wordt opgevuld. Dit werkt beter dan de vlekkenverwijderaar in Lightroom, die in feite alleen pixels uit delen met een vergelijkbare textuur kloont. Verder is het mogelijk om bewerkingen te synchroniseren.

Ook prettig is een functie om meer dan twee foto's tegelijk onderling te vergelijken, ook op detailniveau, door middel van Lock Pan & Zoom.

Wat we missen

Het is wel mogelijk om complete bewerkingen te synchroniseren met andere foto's, maar niet slechts bepaalde correcties. Ook wordt de reductie van chromatische aberratie en vignettering niet automatisch afgestemd op de gegevens uit de exifdata en moet je deze handmatig instellen. Het herstel van hooglichten ligt wat achter bij concurrenten.

Er is geen dualmonitorondersteuning, geen mogelijkheid om te exporteren als dng of met een maximaal aantal megapixels, en video's kunnen niet worden geïmporteerd. We missen verder ondersteuning voor tethering en geotagging met kaartweergave. Tot slot viel ons op dat de software soms aan de trage kant is, vooral met het inladen van en wisselen tussen nieuwe foto's. Lightroom en Capture One zijn een stuk vlotter.

Skylum Luminar 2018 1.2

Luminar werd in 2016 geïntroduceerd als alternatief voor Lightroom. Aanvankelijk was het alleen voor Macs beschikbaar, maar sinds eind 2017 is er ook een Windows-versie. De naam van de makers is mede daardoor veranderd van Macphun naar Skylum. De interface is toen ook op de schop gegaan.

Skylum Luminar

Interface

Net als bij de meeste concurrenten lijkt de interface op die van Lightroom, met één belangrijk verschil: er is geen bibliotheekmodus met catalogus, dus browsen door je foto's door middel van een filmstrip is er niet bij. Luminar is vergelijkbaar met de Camera Raw-module van Photoshop, maar dan uitgebreider en met een Lightroom-achtige interface. De interface is dus gericht op de bewerking van een individuele foto in plaats van een reeks en vanuit workflowperspectief is dat jammer. Voor wie de snelheid en de eenvoud van Lightroom wil voor individuele foto's, is de software wel interessant, als standalone en als plug-in vanuit Photoshop. Skylum heeft toegezegd dat de software later dit jaar wordt uitgebreid met een filmstrip en/of catalogus.

Je begint met het openen van een individuele foto in plaats van scrollen door een filmstrip. Vanuit Lightroom-perspectief voelt dit wat ouderwets aan. Op de plek waar je de filmstrip normaliter ziet, verschijnt een strip met voorgeprogrammeerde filters. Opvallend genoeg lijkt deze te zijn afgestemd op de camera. Zo ging bij onze dronefoto's automatisch de Aeriel-preset open. Het effect van het filter is in te stellen van nul tot honderd procent. Wil je meer bewerkingen doen, dan kies je voor 'Add filter', wat neerkomt op het toevoegen van een laag. Vervolgens voeg je naar behoefte steeds nieuwe filters toe, die dan als gereedschap in het rechterscherm terechtkomen. Dat kunnen ook dezelfde filtertypen zijn, waardoor je bijvoorbeeld verschillende graduele of radiale filters tegelijk kunt gebruiken, en vrij eenvoudig kunt terugvinden en aanpassen. Deze methode is vernieuwend en werkt best goed; het geeft in ieder geval overzicht, zodat je niet wordt overweldigd met schuifregelaars die je niet nodig hebt. De gebruikte filters kun je vervolgens eventueel bewaren als eigen preset. Als je een nieuwe foto opent, verschijnt er ook een nieuw venster en blijft het oude bewaard.

Functies

Zoals vermeld, onderscheidt Luminar zich met het toevoegen van verschillende lagen met effecten die onafhankelijk van elkaar functioneren. Batchprocessing is wel mogelijk, maar alleen op basis van een enkele preset. De voorgeprogrammeerde filters zijn krachtig en in aantal indrukwekkend. Opvallend is het softwarematige polarisatiefilter. Het gebruik van een dergelijk filter in de echte wereld leidt tot een hardwarematig effect, doordat de invalshoek van het licht wordt veranderd, vooral bij water en in de lucht. Hoewel softwarematig, slaagt het polarisatiefilter van Luminar erin een min of meer vergelijkbaar effect toe te voegen, maar natuurlijk niet zo effectief als een echt filter.

Je kunt filters toevoegen en vervolgens instellen. Dat kan meer dan eens en de bewerking kan heel lokaal, bijvoorbeeld via een radiaal of gradueel filter. Als je verschillende van deze filters toevoegt, is het soms wel even zoeken welk filter ook weer voor welk effect was. Capture One toont bijvoorbeeld het masker per laag, zodat je dat direct ziet.

Wat we missen

Er is vreemd genoeg geen functie om rode ogen te verhelpen. Luminar gebruikt ook (nog) geen kleurprofielen, waardoor de kans op kleurafwijkingen zeer aanwezig is. De Windows-versie loopt nog een beetje achter op de Mac-versie, al volgt daarvoor nog een update. Ook is er geen mogelijkheid om hdr's en panorama's te maken op basis van verscheidene foto's. Af en toe is de software ook wat aan de trage kant. En tot slot is er alleen een algemene vorm van lenscorrectie aanwezig en geen database met camera's en lenzen. Dat heeft tot gevolg dat correcties als chromatische aberratie handmatig moeten uitgevoerd en dat is tijdrovend.

Maar het grootste gebrek blijft het ontbreken van een catalogus. Daarvoor moet je dus alsnog andere software gebruiken en dat is jammer. Zoals vermeld, komt Luminar nog met een oplossing, maar het is op dit moment niet duidelijk in welke vorm.

Beeldbewerking vergeleken

Wat bewerking betreft zijn de mogelijkheden van de softwarepakketten redelijk vergelijkbaar, hoewel de uitwerking onderling verschilt. Zo bieden ze allemaal ondersteuning voor lensprofielen, maar varieert de bruikbaarheid daarvan, doordat bijvoorbeeld drones en smartphones niet altijd worden ondersteund. In graduele filters, lagen en een digitale gum, of heal brush, is echter meestal wel voorzien. Alleen Lightroom Classic en ON1 Photo RAW hebben ingebouwde ondersteuning voor het maken van hdr's en panorama's op basis van verschillende foto's. Luminar, Photolab en Photo RAW zijn alleen in het Engels beschikbaar.

Drie voorbeelden

We hebben een aantal onbewerkte rawfoto's met alle pakketten bewerkt. Voor iedere foto golden dezelfde uitgangspunten, maar de uitwerking verschilde sterk. Er is gesleuteld aan het contrast, de verzadiging, de schaduwen en hooglichten, de helderheid, de uitsnede en de kleurtemperatuur. Daarnaast zijn graduele filters gebruikt voor de lucht en de voorgrond, en waar relevant ook radiale filters om het hoofdonderwerp beter uit te lichten. De bewerkingen zijn puur een steekproef en alles behalve een wetenschappelijke test. De kracht en effectiviteit van de gereedschappen fluctueert nogal en vraagt daardoor bij iedere softwaretitel om een iets andere, volstrekt handmatige aanpak. De resultaten zijn daardoor nooit helemaal gelijk.

Sterrenhemel

De onbewerkte foto heeft een storende, bruin-oranje kleurzweem en de melkweg is amper zichtbaar. In de zes softwarepakketten proberen we dit te verhelpen door de kleurtemperatuur blauwer te maken, de kleurverzadiging af te laten nemen, en de witte sterren helderder te maken en de lucht donkerder.

Melkweg

MelkwegMelkwegMelkwegMelkwegMelkwegMelkweg

 

Tegenlicht

De onderstaande foto heeft last van tegenlicht en is daardoor wat donker. Dat gaan we corrigeren en tegelijkertijd proberen we de kleuren wat op te frissen.

Tegenlicht

TegenlichtTegenlichtTegenlichtTegenlichtTegenlichtTegenlicht

 

Contrast

Het contrast van de onbewerkte rawfoto hieronder is erg laag, waardoor het dorpje in een soort waas lijkt te hangen. Tegelijkertijd is de lucht deels overbelicht en is op de voorgrond een storende flare te zien. Ook zouden we het contrast van de zee willen oppeppen, alsof er een polarisatiefilter is gebruikt.

Kust

KustKustKustKustKustKust

 

Conclusie

Lightroom heeft als rawbewerker en workflowpakket de toon gezet voor een nieuwe generatie beeldbewerkingssoftware. Software voor individuele bewerking van foto's, zoals Photoshop, is daardoor minder vaak nodig, behalve voor specialistisch werk, zoals het gebruik van lagen en uitgebreid retoucheren. Lightroom was tot voor kort ook redelijk betaalbaar, met een eenmalige prijs van rond de 130 euro voor een licentie. Dat is min of meer veranderd sinds Adobe abonnementen invoerde. Lightroom los kopen kan sindsdien niet meer. Ook is de software gesplitst in het oorspronkelijke CC Classic en het nieuw ontworpen Lightroom CC. Dat laatste is wat laagdrempeliger voor nieuwe gebruikers, maar het eerste biedt meer mogelijkheden. Voor wie gewend is aan de werkwijze van Lightroom, zal een van beide versies de beste keus zijn. De software is zeer compleet en veelzijdig.

Capture One komt wat ons betreft het dichtst bij de functionaliteit van Lightroom. Bepaalde zaken ontbreken, maar daar staan weer andere zaken tegenover, zoals het werken met lagen en diverse maskers. De software presteert bovendien behoorlijk vlot. Wel vinden we de workflow minder prettig; je moet meer handelingen verrichten, en de interface is vanwege de vele tabbladen en knoppen met verschillende functies minder overzichtelijk. Ook de prijs is pittig, maar wel lager dan die van Lightroom op basis van diverse jaren gebruik. Vooral voor gevorderde fotografen en beeldbewerkers is Capture One een goed alternatief.

Van de andere varianten vinden we met name Luminar verfrissend. De interface is minimalistisch, en werpt daardoor geen hoge drempel op voor nieuwe gebruikers en fotografen zonder al te veel ervaring met beeldbewerking. De ingebouwde filters zijn krachtig, maar vooral de manier waarop ze werken, spreekt ons aan; je voegt ze naar behoefte toe, eventueel meer dan eens, en dan pas komen ze in het overzicht met schuifregelaars terecht. Luminar is ook met afstand het betaalbaarste pakket. Dat mag overigens ook wel, want op dit moment werkt de software nog per individuele foto en niet als een catalogus. Dat moet later dit jaar veranderen, maar het is nog onduidelijk hoe dat eruit gaat zien.

ON1 Photo RAW, DxO PhotoLab en Darktable hebben ieder hun charmes. ON1 Photo Raw biedt als enige Lightroom-alternatief ondersteuning voor het maken van hdr's en panorama's, en vooral het digitale gummetje op basis van content aware-fill kunnen we waarderen. Met DxO PhotoLab is het ook prima werken, maar over de bewerkingsresultaten en algemene mogelijkheden zijn we iets minder enthousiast. Darktable is voor een gratis pakket verrassend compleet, maar zit wat gebruiksvriendelijkheid, snelheid en resultaat betreft nog niet op het niveau van de andere software in deze round-up.

Lightroom is wat ons betreft nog steeds het veelzijdigste en prettigste workflowpakket om mee te werken, maar voor wie een abonnement niet ziet zitten, zijn er gelukkig redelijk wat alternatieven. Capture One gooit hoge ogen, maar de andere software is een stuk voordeliger. Van alle pakketten zijn proefversies beschikbaar, waardoor je makkelijker kunt beslissen welke software het beste past bij je persoonlijke wensen en voorkeuren. En voor wie er geen geld voor overheeft, zijn er gelukkig ook gratis alternatieven.

Bron: Tweakers 

Labels:

omhoog
103 users have voted.